Laatste nieuws

Gevolgen Coronacrisis voor de Taxibranche

6 april 2020

De noodzakelijke maatregelen van de overheid voor de bestrijding van het Corona virus raken de Taxi-branche hard. Veel Taxibedrijven hebben amper nog werk.

Het bestuur van de Stichting Taxibelangen Nederland juicht toe dat de overheid in deze nijpende situatie bijspringt met diverse maatregelen waarbij ook de kleinere taxiondernemers door deze moeilijke periode worden geholpen.

Wij raden getroffen taxiondernemers aan om gebruik te maken van de Tijdelijke Overbruggingsregeling voor Zelfstandig Ondernemers (TOZO) en een tijdelijke bijstandsuitkering aan te vragen voor levensonderhoud eventueel aangevuld met een lening voor het voortbestaan van het bedrijf. U kunt zich wenden tot de gemeente, ook als er sprake is van acute geldnood.

De Stichting Taxibelangen vindt het onjuist dat de Taxi-branche niet is aangemerkt als een van de direct getroffen sectoren onder de regeling Tegemoetkoming Ondernemers Getroffen Sectoren Covid-19 (TOGS) en daardoor niet in aanmerking komt voor de € 4.000 die de regering heeft toegezegd.

Veel taxibedrijven hebben nauwelijks nog omzet:

  • Het Luchthaven en reis-gerelateerd vervoer wordt getroffen door de reisbeperkingen
  • Doelgroepen vervoer wordt geraakt door de sluiting van scholen, kinderopvang e.d.
  • Uitgaansverkeer e.d. vindt niet meer plaats door de sluiting van de Horeca en het verbod op bijeenkomsten en evenementen.
  • Samen met de oproep om vooral thuis te blijven staan hierdoor bijna alle taxi’s stil.

De Stichting Taxibelangen roept de regering daarom dringend op om ook de zwaar getroffen taxibranche onder de regeling TOGS te brengen. Tevens roepen wij de regering dringend op om de regeling TOGS ook open te stellen voor de taxi-ondernemers die vanuit huis werken en daardoor ook niet aan het geëiste bedrag aan vaste lasten komen. Door de aankondiging van de regering zijn onder taxi-ondernemers verwachtingen gewekt die nu niet worden waargemaakt en de teleurstelling is dan ook groot. Wij roepen de regering dan ook op terzake actie te nemen onder het motto “Promise Big, Deliver Big” Voor veel bedrijven spant het er om en de emoties kunnen hoog oplopen.

Het bestuur van de Stichting Taxi-belangen Nederland roept iedereen op om de kalmte te bewaren. Met duizenden mensen die in ziekenhuizen vechten voor hun eigen leven en het leven van anderen in een land waar iedereen er verder het beste van probeert te maken zijn protestacties volstrekt ongepast. Wij wijzen protestacties daarom af: Blijf thuis!

Lees meer
Enquête onderzoek boordcomputer taxi (BCT)

22 augustus 2018

‘Beste taxichauffeur, taxiondernemer of beide,

’Organisatieadviesbureau Andersson Elffers Felix (AEF; www.aef.nl) voert in opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) een onderzoek uit naar de boordcomputer taxi (BCT). De BCT is in 2016 verplicht gesteld en sindsdien moeten alle taxi’s hiermee uitgerust zijn. Anderhalf jaar na invoering is het ministerie nieuwsgierig of de doelen, die beoogd werden met de invoering van de BCT, ook gehaald zijn. Onderdeel van ons onderzoek en de beantwoording van deze vraag is het bevragen van het werkveld middels een online enquête. Alleen de mensen die zelf direct of indirect aan de slag zijn met de BCT kunnen aangeven hoe de BCT in de praktijk werkt, wat goed gaat en vooral ook wat niet goed gaat.

De enquête is bedoeld voor:
• taxichauffeurs die in (loon)dienst zijn bij een taxibedrijf
• taxichauffeurs die als zelfstandige aan de slag zijn (ZZP’ers)
• taxiondernemers die meerdere taxichauffeurs in dienst hebben

Mocht u tot een van deze doelgroepen behoren dan zouden wij u willen vragen om onze enquête in te vullen. U kunt onze enquête invullen door te klikken op:

ONLINE ENQUÊTE

Het invullen kost u ongeveer 5 minuten en gebeurt volledig anoniem. Door deel te nemen aan de enquête kunt u tevens kans maken op één van de vier cadeaubonnen t.w.v. € 25,- die wij na afloop van de enquête verloten onder de deelnemers.

Mocht u nog vragen hebben over de enquête dan kunt u contact opnemen met Yannick Lataster (y.lataster@aef.nl; 0622347068) van AEF.

Lees meer

Al ons nieuws

De wettelijke drie-urenregeling

17 februari 2016

Het secretariaat van STN heeft het inmiddels steeds drukker met het telefonisch beantwoorden van allerlei taxigerelateerde vragen. Goed dat u ons steeds beter weet te vinden, daar is het secretariaat voor bedoeld! Zo kwam enkele weken geleden ook een vraag van een ondernemer die zich afvroeg wat het hebben van een ‘arbeidscontract op oproep basis’ nu precies waard is, althans volgens de wet.

Wat was er aan de hand? De betreffende ondernemer werd er door Sociaal Fonds Taxi (SFT) op gewezen dat hij zijn werknemers structureel zou onderbetalen. Deze werkgever had een aantal werknemers in dienst op basis van een nul-urencontract, of op basis een contract met een gering aantal uren per week (onder de 15). De ondernemer was in de veronderstelling dat hij daarmee een beperkt aantal verplichtingen richting de werknemers had met betrekking tot het uitbetalen van de gewerkte uren. Dit bleek echter niet het geval.

De wettelijke uitleg

Wat zijn nu de wettelijke verplichtingen als het gaat om het betalen van werknemers per oproep? In het onderstaande geef ik een korte samenvatting van hoe dit onderwerp wettelijk geregeld is.

Als u een chauffeur in dienst heeft op basis van een 0-uren contract, een arbeidsovereenkomst voor minder dan 15 uur per week of een werknemer heeft die zonder vast dienstrooster werkt (ook wel flexibele arbeidskrachten genoemd) dan dient u deze volgens de wet voor elke periode dat u de werknemer oproept en hij arbeid heeft verricht, tenminste 3 uur uit te betalen. Het maakt dus niet uit of de werknemer deze 3 uur daadwerkelijk heeft gewerkt of dat hij slechts een ritje heeft gemaakt van 20 minuten. Elke oproep is wettelijk gezien 3 arbeidsuren waard.

Voorbeeld

De bovenstaande wettelijke regeling heeft tot gevolg dat wanneer uw werknemer op oproepbasis drie keer per dag een kwartiertje taxi rijdt op de tijdstippen 9:00, 12:15 en 15:30 (en er vinden geen overlappingen plaats binnen die drie uur), u drie maal drie uur dient uit te betalen en dus 9 uur in totaal. De rechter wees al in 2007 de suggestie van de hand dat de werkgever in dergelijke gevallen die kortstondige periodes arbeid bij elkaar op kon te tellen. Iedere arbeidsperiode (mits deze niet overlapt binnen drie uur met een volgende taxirit) staat op zichzelf, hoe kort ook, en dient te worden vergoed alsof er drie uur is gewerkt. Dit betekent niet direct dat u de werknemer altijd een gehele dienst moet uitbetalen. Werkt een werknemer twee keer op een dag voor een korte periode, bijvoorbeeld ‘s ochtends om 9 uur en vervolgens om 18.00 uur pas weer en die ritten korter zijn dan 3 uur, dan dient u deze dus 6 uur uit te betalen.

Praktijkadvies

Voor u dus zaak om de arbeidsperioden goed in de smiezen te houden! Probeer er zorg voor te dragen dat de arbeidsperiodes zoveel mogelijk kort achter elkaar vallen. Het is daarnaast een afweging waard om uw werknemer een vast urencontract aan te bieden van 15 uur per week of in de werknemer vast in te roosteren indien u voldoende werk heeft. U hoeft dan niet aan de bovengenoemde verplichting te voldoen bij korte werkdiensten. U kan de overeengekomen 15 arbeidsuur dan over de week heen kunnen ‘spreiden’. Werkt een chauffeur dan een kwartiertje dan schrijft u dat van de 15 uur af, in plaats van dat u gelijk al verplicht bent 3 uur ui te betalen Een simpel rekensommetje leert dat hoe meer dagen een chauffeur bij u op oproepbasis beschikbaar is, hoe groter de kans is dat u op grond van die wettelijke verplichting al boven de 15 uur per week moet uit betalen.

Los van alle wettelijke regels is uiteraard het allerbelangrijkste dat u met uw medewerkers duidelijke afspraken maakt en deze schriftelijk vastlegt. Dit is de beste manier om discussies te voorkomen of geconfronteerd te worden met een loonvordering

Heeft u vragen over de uitbetaling van uw flexibele arbeidskrachten? Neem dan gerust contact op met ons secretariaat: 010-2819192.

Lees meer
De uitholling van de ondernemersvergunning taxivervoer

17 februari 2016

 Is het u ook al opgevallen? De overheid heeft enerzijds lak aan de geluiden (vooral vanuit STN) dat de tarieven die gehanteerd worden door zogenaamde ‘certificeringinstanties’ (lees KIWA) de pan uitrijzen zonder dat daar openheid van zaken over wordt gegeven. Anderzijds is het zo dat in het kader van deregulering de vergunningen en papieren waar taxiondernemers grof geld voor moeten betalen, steeds minder waard zijn.

In korte tijd kregen wij bericht van twee aangesloten ondernemers, over twee kwalijke zaken die hier voorbeelden van zijn. Het eerste bericht ging over de kwestie dat zogenaamde ‘vrijwilligersorganisaties’ ritten aanbieden tegen geringe betaling en daarmee concurreren met taxibedrijven. Het tweede bericht ging over het feit dat de grote spelers in de taxiwereld, bij aanbestedingen voor grootschalig taxivervoer nog wel eens wat minder strikt zijn in het naleven van de regels.

“Vrijwilligersorganisaties”
Gemeenten hebben minder te besteden en bezuinigen daarom op het vervoersbudget. Vrijwilligersorganisaties stappen vervolgens in deze leemte, omdat taxiondernemers niet kunnen rijden voor wat de gemeente hen biedt. Vervolgens rijden vrijwilligers ouderen en/of gehandicapten voor een zeer geringe vergoeding naar bestemming. Sympathiek uit oogpunt van de maatschappij. Maar taxiondernemers betalen ondertussen voor een vergunning die niets waard blijkt. Op het oog lijken deze initiatieven ook nog eens strijdig met de wet. Zogenaamd ‘kostendekkend’ vervoer werd alleen uitgezonderd van de verplichting van het hebben van een taxivergunning wanneer het carpoolers betrof. Zo werd dit althans aangegeven in de toelichting op de WP2000 en tijdens een uitspraak door de rechters van het College van Beroep voor het bedrijfsleven. De minister en staatssecretaris lijken dit echter bewust over het hoofd te willen zien: die geven aan dat het hier een ‘regelvrije ruimte’ betreft.

Aanbestedingen
De tweede kwestie spreekt nog meer tegen het rechtvaardigheidsgevoel. De wereld van aanbestedingen is zwaar. Vooral zwaar wanneer blijkt dat één van de grootste vissen die daar rondzwemt, het niet al te nauw met de regels neemt. Een aangesloten ondernemer wist ons te melden dat een van de grootste vervoersmaatschappijen een taxiaanbesteding won, om vervolgens hiervoor structureel chauffeurs in te zetten die niet in het bezit zijn van een chauffeurspas. Om de kosten te drukken vragen wij ons dan af? Of was het bedrijf eigenlijk niet in staat om de ritten te verzorgen, maar wilde het koste wat kost de aanbesteding winnen? En waarom handhaaft de overheid hier nu niet, omdat ze hier zelf baat heeft bij de goedkope aangeboden ritten?

Mocht u meer van dit soort ‘stinkende’ zaakjes kennen: mail naar info@taxibelangen.nl

Als STN brengen wij deze zaken zoveel mogelijk onder de aandacht bij de beleidsmakers in Den Haag

Lees meer
STN pleit voor één landelijk beleid tijdelijk parkeren taxi’s

11 februari 2016

Eind januari werd STN benaderd door een aangesloten ondernemer met de vraag of wij een petitie wilden steunen. In Amsterdam stelt de gemeente zich op het standpunt dat taxichauffeurs bij het ‘laden en lossen’ van hun passagiers betaald moeten parkeren. Net als een gewone automobilist dus. Dit is natuurlijk te gek voor woorden! Het bestuur heeft het verzoek besproken en middels een brief aan de gemeente van Amsterdam de petitie direct ondersteund.

Notabene in dezelfde week dat wij dit verzoek kregen, stond in Taxipro dat de gemeente Utrecht taxichauffeurs juist 10 minuten de gelegenheid biedt om vrij te kunnen parkeren. Je moet immers gewoon je werk kunnen doen…. Wij vinden dit het correcte geluid: zo zou het beleid landelijk moeten zijn! We begrijpen waar het beleid van de gemeente Amsterdam vandaan komt: een te drukke binnenstad. Echter het huidige beleid gaat natuurlijk veel te ver. De bestuursrechter vond dit ook overigens: iedere taxichauffeur die een prent kreeg en bij de rechter terecht kwam, werd in zijn gelijk gesteld.

Wij denken dat een grote oorzaak van dit probleem ligt in het feit dat gemeentes dit beleid plaatselijk mogen regelen. Daarom mag er wel 10 minuten vrij geparkeerd worden in Utrecht, en wordt dit tot op heden verboden in Amsterdam. STN pleit daarom voor een landelijk beleid. Als gemeentes dit zelf mogen regelen, dan betekent dit dan maar dat ze dit een landelijk overleg moeten vaststellen. Het plaatselijk taxichauffeurtje pesten, zoals nu in Amsterdam, zou in landelijke regels uitgesloten moeten worden. Een buschauffeur hoeft toch ook geen parkeergeld te betalen? De politieman die in afwachting op een oproep stilhoudt op de parkeerplaats hoogstwaarschijnlijk evenmin. Het op een normaal tempo uit- en in laten stappen van passagiers, zonder dat daar parkeergeld voor hoeft te worden betaald, is niet meer dan normaal en deel van het verlenen van fatsoenlijke dienstverlening aan de klant.

Hoe is het parkeerbeleid voor taxi’s in uw gemeente? Net zo asociaal als in Amsterdam? Neem dan contact op met STN, wellicht kunnen we u helpen bij het opstellen van een verzoek zoals in Amsterdam is gebeurd. (info@taxibelangen.nl)

Lees meer
STN praat met onderzoeksbureau over maximumtarieven

30 december 2015

  STN praat met onderzoeksbureau over maximumtarieven

Op woensdag 16 december jl. heeft STN een afspraak gehad met het onderzoeksbureau RebelGroup over de huidige tarievenstructuur in de taxibranche. Bestuursleden Paul Dijkhuizen en Rex Urban waren aanwezig tijdens dit gesprek. Eerder vroegen wij al uw mening hierover. Veel ondernemers hebben hierop gereageerd, waarvoor dank! De overgrote meerderheid van u bleek overigens dezelfde mening te hebben. Het volgende is in het gesprek naar voren gebracht:
 
Over het maximumtarief
STN is van mening dat het maximumtarief moet worden afgeschaft. Dit tarief is namelijk landelijk vastgesteld, terwijl in de branche algemeen bekend is dat ondernemers in verschillende gebieden verschillende kosten hebben. Daarnaast worden verschillen in onder andere bezettingsgraad in de randstad tegenover landelijke gebieden niet meegenomen. Door het maximumtarief moeten taxiritten in dunbevolkte gebieden onder de kostprijs worden gereden. Hierdoor verdwijnen er meer taxiondernemers in de landelijke gebieden, wat tot gevolg heeft dat buitengebieden geïsoleerd raken van taxivervoer.
            Daarnaast zorgt afschaffing van de maximumtarieven ervoor, dat een taxiondernemer de tarieven aan kan passen aan zijn dubbele loonkosten op feestdagen. Dit lijkt ons niet meer dan redelijk! STN is van mening dat iedere taxichauffeur zelf in staat moet zijn om zijn ritprijs vast te stellen. De marktwerking zal dan vanzelf zorgen dat er eerlijke prijzen zijn, voor de de klant en voor de ondernemer. Er is dan ook geen behoefte meer aan een jaarlijkse indexering.
 
Onze mening werd daarnaast ook gevraagd over de Taxameter:
Wij vertelden de onderzoekers van RebelGroup dat een taxiondernemer zelf de keuze moet kunnen maken om een Taxameter in te bouwen. Dit moet geen verplichting zijn. Voor sommige ondernemers (in de opstapmarkt) is het een belangrijk instrument, maar door ondernemers die met vaste prijzen werken werd de Taxameter niet gebruikt. De huidige verplichting voor de gehele branche vonden wij daarom dan ook overbodig en achterhaald. Met de regelgeving die in januari wordt doorgevoerd, was deze vraag echter al achterhaald.
Lees meer
STN over KIWA tarieven: 1% daling verandert niets!

23 december 2015

Enige tijd gelden wisten wij jullie al te melden dat het bestuur van STN aan mocht schuiven bij de jaarlijkse gesprekken met KIWA en ILT, waarin de KIWA tarieven worden besproken. ILT stelde daarbij dat de tarieven van KIWA de komende jaren waarschijnlijk zouden dalen: de toegenomen efficiency (2,5%) zou namelijk meer dan de jaarlijkse indexering in 2016 (1,0 %) zijn. Dit betekende dat de KIWA tarieven voor taxichauffeurs voor 2016 met 1% zouden afnemen. Ambtenaren kunnen dit soort percentages wellicht als successen verpakken, wij ondernemers vinden het een wassen neus.

Enfin, er werd ons gevraagd hierop te reageren. Omdat STN pas aan heeft mogen schuiven, hebben wij genuanceerd gemeld dat wij hierin nogal dubbel stonden qua mening: wij waren blij dat we aan mochten schuiven, en een tariefdaling is altijd mooi meegenomen, maar wij wilden graag meer informatie over hoe het KIWA nu eigenlijk de basistarieven vast stelde. Wij snapten er namelijk nog steeds niets van waarom de tarieven zo hoog moeten zijn(nog steeds niet!). Het ILT reageerde daarop vorige week met een brief namens de waarnemend directeur.

 

Deze stelde daarin dat de KIWA-tarieven afgeleid zijn van de tarieven die de inspectie verkeer en waterstaat destijds in 2010 al hanteerde (toen het KIWA nog niet in de taxibranche zat). Jaarlijks worden deze tarieven gecorrigeerd met de inflatie, en met de toe- of afgenomen efficiency binnen de KIWA organisatie. Volgens ILT is er daarmee sinds 2010 feitelijk gezien weinig veranderd voor de taxibranche. Ze zeggen hier eigenlijk mee, dat de KIWA tarieven afgezien van enkele correcties, gelijk zijn aan die voorheen door verkeer en waterstaat werden berekend.

 

Het bestuur van STN kan zich hier niet in vinden. In omringende landen zijn de kosten die door KIWA-gelijke organisaties worden gehanteerd vele malen lager. Dat de KIWA tarieven blijkbaar van al eerder door de overheid gehanteerde tarieven afgeleid zijn, doet er voor ons daarom helemaal niet toe. Wij wensen rechtvaardiger en vooral minder hoge tarieven. Zeker bij de vergunningsaanvraag dient er een grote correctie naar beneden plaats te vinden, nu KIWA niet langer hoeft te toetsen op vakbekwaamheid. Wij blijven proberen om ILT ervan te overtuigen dat de KIWA tarieven op los zand zijn vastgesteld, en dat deze voor een taxi-ondernemer als zeer onrechtvaardig overkomen.

 

 

 

Lees meer
STN-standpunt inzake afschaffing vakbewaamheid.

23 december 2015

 

Vanaf 1 januari gaat de nieuwe taxi regeling gelden. Veel ondernemers stuurden ons al voor dat de nieuwe regeling bekend werd bezorgde mailtjes: zou de overheid echt de vakbekwaamheid af gaan schaffen? Twee weken geleden kwam het hoge woord eruit, en bleek dat inderdaad de vakbekwaamheidseis niet langer was. STN is hier op zijn zachtst gezegd niet blij mee.

 

De vakbekwaamheid zorgde er namelijk voor dat ondernemingen op zijn minst beschikten over de basiskennis die vereist werd voor het besturen van een onderneming. Daarnaast werden er hierdoor branchegerichte ondernemingsvaardigheden bijgeleerd. De markt is nu plots opengesteld voor iedereen: ook voor partijen die geen enkel idee hebben over wat er bij komt kijken wanneer je een taxionderneming wilt runnen.

 

STN vraagt zich ook af, nu de vakbekwaamheidseis straks niet langer van toepassing is, of er nog steeds een bedrag van 1500,- euro naar KIWA overgemaakt moet worden voor de vergunningsaanvraag. Die wordt namelijk vanaf januari enkel en alleen nog getoetst op een KvK-uitreksel en een Verklaring Omtrent Gedrag. Gezien het feit dat ILT elke keer benadrukt dat KIWA tegen kostprijs dient te werken, dient er op voorhand al een enorme daling in dit bedrag te komen: 1/3 van de toetsingsvereisten is niet langer van toepassing.

 

Het overheidsbeleid is daarnaast ook niet consequent. Staatssecretatis Dijksma betoogde dat de vakbekwaamheidseis onder meer afgeschaft werd, omdat men de markt niet wilde afschermen. Vanuit STN vinden wij dit merkwaardig. Waarom wordt dan plaatselijk de TTO-regelgeving van gemeenten niet verboden? De vakbekwaamheids-eis was daarnaast veel minder subjectief dan de TTO regelgeving: STN vind het niet meer dan normaal dat als je taxi-ondernemer wilt worden, je daarvoor jezelf enige kennis eigen maakt. Iedere bedrijfstak stelt eisen aan scholing en dit komt de kwaliteit van de dienstverlening ten goede.

 

STN is het daarnaast niet eens met de maatregel om de VOG-verklaring in de toekomst af te schaffen. Dit zal de deur alleen maar verder openzetten voor ondernemingen en  personen die om de verkeerde redenen een taxibedrijf willen opzetten. Met al deze nieuwe regels voorziet STN een enorme daling in het aantal full-time banen, een achteruitgang in de kwaliteit van het vervoer, ZZP’ers die in de financiële problemen gaan komen omdat zij het niet redden, en een enorme toename van het aanbod ‘taxi’s’ in een branche die toch al het water aan de lippen heeft staan.

 

STN heeft al van meet af aan geageerd tégen de voorgenomen regeling van de staatssecretaris. Bestuurlid Paul Dijkhuizen heeft al de bovengenoemde bezwaren tegen het afschaffen van de vakbekwaamheidseis (en meer) naar voren gebracht in een internet-consultatie. Daarbij moet opgemerkt worden dat het bestuur van STN nogal verrast werd door de overheid, en het tempo waarmee deze nieuwe regeling werd doorgedrukt. Hoewel wij uiteindelijk nog net op tijd hebben kunnen reageren via bestuurslid Dijkhuizen(de reageertermijn sloot zeer snel), is het ons inziens vreemd dat een belangenorganisatie zich niet mondeling mag uitdrukken over een regeling die haar branche in het hart treft. Met de reactie die wij hebben gegeven is, zoals u wel kunt merken, niets gedaan

Lees meer
De nieuwe regeling is bekend, vakbekwaamheidseis vervalt

9 december 2015

 

Vandaag heeft het ministerie eindelijk de regeling gepubliceerd, die al aangekondigd was naar aanleiding van de evaluatie van de taxiwet. Zoals al verwacht werd is inderdaad de vakbekwaamheidseis voor vergunningshouders komen te vervallen. Dit betekent dus dat u vanaf 1 januari niet langer een diploma vakbekwaamheid nodig heeft om een ondernemingsvergunning aan te kunnen vragen.

Het was eerder mogelijk om op de concept-regeling te reageren door een zogenaamde internetconsulatie, wat STN uiteraard ook heeft gedaan. De staatssecretaris heeft vervolgens de mening van een ieder die reageerde afgewogen, waarop zij vervolgens met een definitieve regeling zou komen. Aldus geschiedde: de nieuwe staatssecretaris Dijksma publiceerde vandaag de officiële regeling, zoals die vanaf 1 januari gaat gelden. Van deze regeling kan gesteld worden dat zij in grote lijnen aansluit wat de afgetreden staatssecretaris Mansveld eerder al wilde.

 

Het ministerie heeft de veranderingen uit de regeling als volgt samengevat:

 

  • een vrijstelling van de eis van vakbekwaamheid als onderdeel van de ondernemersvergunning;
  • een vrijstelling van de wettelijke eis van de fysieke aanwezigheid van het vergunningbewijs in het taxivoertuig;
  • in de regelgeving wordt vastgelegd dat het ritbewijs elektronisch aan de consument mag worden aangeboden; deze mogelijkheid geldt niet voor taxivervoer dat wordt aangeboden op de openbare weg;
  • informatie over tarieven en klachtafhandeling mag ook langs elektronische weg duidelijk kenbaar worden gemaakt aan de consument; deze mogelijkheid geldt niet voor taxivervoer dat wordt aangeboden vanaf de openbare weg;
  • de taxameterplicht wordt afgeschaft voor taxi’s die uitsluitend worden gebruikt voor vervoer tegen vooraf afgesproken vaste tarieven en voor zover het taxivervoer met deze taxi niet wordt aangeboden op de openbare weg.

 

Straattaxi’s worden dus uitgesloten van de vrijstelling van de taxameter en van de mogelijkheid om tarieveninformatie en klachtafhandeling op elektronische aan te bieden. Daarnaast hoeft niemand meer het vergunningsbewijs bij zich te hebben in de taxi.

Lees meer
Telt een proefplaatsing mee in de ketenregeling?

9 december 2015

Afgelopen week is bij de Taxi-jurist de vraag binnengekomen of de periode van een proefplaatsing meetelt als arbeidsovereenkomst binnen de ketenregeling. Het antwoord op deze vraag is nee.

Wat is proefplaatsing Wanneer je iemand aanneemt die op dat moment minimaal 3 maanden werkloos is of gedeeltelijk arbeidsongeschikte is, kunt u een proefplaatsing bij het UWV aanvragen. De kandidaat-medewerker komt dan voor een periode van 2 maanden (met een maximale uitloop naar 6 maanden) proefdraaien. In deze periode kunt u beoordelen van de kandidaat geschikt is voor de functie.

Blijkt de medewerker na 2 maanden niet geschikt te zijn, kan je dit bij het UWV aangeven. De medewerker komt dan niet in dienst. De werkgever verplicht zich wel om bij goed functioneren een arbeidsovereenkomst aan te bieden voor minimaal 6 maanden voor dezelfde arbeidsomvang als gedurende de proefplaatsing is gehanteerd. Deze arbeidsovereenkomst is de eerste in de nieuwe keten. Er mag in de arbeidsovereenkomst geen nieuwe proeftijd worden afgesproken.

Tijdens de proefplaatsing blijft de kandidaat zijn of haar uitkering ontvangen. U hoeft tot het momenten dat de medewerker in dienst komt geen salaris te betalen.

Geen invloed op de ketenregeling Wanneer je na de proefplaatsing besluit de medewerker in dienst te nemen, gaat op dat moment de ketenregeling lopen. U kunt dus nog gewoon 3 contracten met een maximale totale lengte van 24 maanden afsluiten, voordat er van rechtswege een vast dienstverband ontstaat.

Wilt u meer informatie over een proefplaatsing of heeft u een andere juridische vraag? Schrijf je dan nu direct in via www.taxijurist.nl en neem contact op met de Taxi-jurist op 010-2819192.

Lees meer
Onderzoek naar tariefstructuur in het taxivervoer: geef uw mening!

2 december 2015

Het onderzoeksbureau RebelGroup Executives is door het Ministerie van I&M in de hand genomen om te kijken naar de tariefstructuur in het taxivervoer. Als belangenbehartiger is ook aan STN gevraagd om onze mening te geven. Het onderzoek is gericht op 4 elementen: (1) het maximumtarief, (2) de tariefsopbouw, (3) de jaarlijkse indexering, en (4) de taxameter. Als bestuur zijnde willen we daarom graag de input van onze achterban om aan dit bureau kenbaar te maken. Daarom aan u het verzoek om over deze 4 onderwerpen uw mening met toelichting te geven en deze te mailen naar info@taxibelangen.nl, zodat wij een oordeel kunnen geven op basis van uw inzichten. Mail ons dus en laat weten wat u vindt!

 

Secretariaat STN:
W www.taxibelangen.nl
E info@taxibelangen.nl
T 010 – 281 91 92

Lees meer